Autobiografie - Willem Tiemens ( Wumme )

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Autobiografie

Waarom deze autobiografie?
 
Nu, de laatste tijd kreeg ik regelmatig vragen van jongeren over hoe het vroeger ging en wat mijn aandeel in de popmuziek is geweest. Omdat het vermoeiend is om telkens weer je verhaal te vertellen, leek het mij wel leuk om voor jezelf eens alles op een rijtje te zetten.
Toen men voor het boek over de Winterswijkse pophistorie bij mij aanklopte, verbaasde het mij dat er zoveel interesse is voor de geschiedenis van oude bands. Iedere plaats brengt de laatste tijd een boek uit. En met de jaren merk ik ook dat er vrienden en bekenden wegvallen. Tied geet veurbie……. Vandaar deze autobiografie.
Op veertienjarige leeftijd kwam ik in contact met een jongen uit Groenlo, die gitarist in een band was en een drummer zocht. Ik had nog nooit gedrumd, maar mijn ritmegevoel was goed en al spoedig werd ik aangenomen. De band waar ik in terecht kwam heette Les Artistique en wij speelden op beatfestivals en kleine zaaltjes, alleen covers, waar ik veel van geleerd heb.

Het heen en weer reizen naar Groenlo met de bus was niet altijd even leuk en toen ik werd gevraagd om in een Winterswijkse band te komen spelen met de knallende naam Double Explosion, hoefde ik niet lang na te denken. De groep kende veel wisselingen, en in die tijd speelde ik veel soul met hun. Het duurde niet lang en op een Molukse bijeenkomst zag ik Daantje Sahuleka spelen. Ik was erg onder de indruk van zijn gitaarspel en toen ik hoorde dat hij bij Edwin Konings in de klas zat, was de link gauw gelegd. Gezamelijk besloten wij om een nieuwe band te formeren,”
Wonderland of Paradise”



 Wij werden ‘’ontdekt’’ door Bertus Stemerdink, genaamd ‘’Bats’’, manager/organisator, en een bekend figuur in de Winterswijkse popscene. We werden veel gevraagd in Duitsland, waar Daan al een bepaalde status had gekregen vanwege zijn gitaarspel , en konden zelfs in het voorprogramma van Jimi Hendrix spelen. Ondertussen kwam er een slaggitarist bij in de persoon van Andre Sendatzki. Eind 69 kwam er een einde na drie turbulente en fantastische jaren en ieder ging zijn eigen weg. In 1970 was er nog een reünie in het parochiehuis. In de tijd 1969/1970 verbleef veel ik in Amsterdam, waar ik werkte en    sávonds naar Paradiso, de Melkweg, Achnaton of Fantasio ging.

Daar deed ik vaak met jamsessies mee en leerde er veel goede muzikanten kennen. Op een dag raakte in Paradiso aan de praat met Frank Zappa, die toen nog onbekend was. Ook speelde ik in Paradiso met Jerry Miller van Moby Grape, zelden zo’n goede bluesgitarist meegemaakt.
Tot het jaar1974 ben ik niet actief geweest in de muziek, totdat Daan Sahuleka op een avond aan de deur stond en vroeg of ik zin had om in Nangoya te komen spelen. Zin had ik wel en ik stemde toe. Door privé omstandigheden heb ik de band midden ’75 verlaten.

 Ik ging in 1977 voor een tijdje naar Algerije om in de Sahara te werken. Bij terugkomst leerde ik Betty Bish kennen, een meisje met een prachtige stem, die zichzelf op de gitaar begeleidde. Ik kreeg een relatie met haar en stelden een band samen, de Betty Bish Band. Het duurde niet lang of Betty werd gevraagd als zangeres bij The Quintet, een band uit Enschede. Al spoedig werd het de huisband Le Funk van de Kater in Enschede. In die tijd verrichtte ik voor hun hand en spandiensten en deed af en toe boekingen. Fantastische muzikanten, die hun tijd vooruit waren. Na een tijd werd de naam Le Funk omgezet in Central Park en Betty ging naar de groep Watt’s going on. Korte tijd daarna verhuisde ze.

Het was inmiddels 1982 en mijn vriendschap met Daan Sahuleka was nog steeds springlevend. Ik ging regelmatig mee naar de Wisseloord studio’s in Hilversum en leerde veel grote namen uit de Nederlandse popmuziek kennen. Ook nam hij mij mee naar optredens, TV programma’s en maakte kennis met platenpluggers, producers etc. Kortom een enerverende tijd, met ontelbare leuke herinneringen. In die tijd kreeg ik van Daan een Teac/Tascam 4 sporen recorder en begon met het experimenteren van eigen nummers. Samen met Marcel Elzinghorst had ik het boekingsbureau Teamwork opgericht en deden we anderhalf jaar lang de boekingen voor ongeveer 65 bands, en organiseerden kleine popfestivals met o.a. Steve Marriott. Samen met Nico Loupatty organiseerden wij voor de reggeaband Black Roots uit Jamaica een concert in Winterswijk en in 1988 organiseerde ik Pop voor Afrika in Eucalypta, een benefietfestival waar 6 bands aan deel namen en de opbrengst voor Afrika was. Begin 1986 was er een reünie van Winterswijkse popgroepen in Meddo, waarbij Wonderland ook uitgenodigd werd. 
 



 
In 1987 werd ik tevens drummer in de formatie Black to Red, een rockband. Deze band hield stand tot 1989 en maakte plaats voor de groep Coockiejar. Na een tour door de Achterhoek en Twente kwam er een eind aan deze band, omdat er volgens sommige bandleden te veel optredens waren. Inmiddels was Wonderland ook gestopt, na een leuke periode van drie jaar. Daan verhuisde en had andere verplichtingen. 
Begin jaren ’90 begon ik aan een nieuw project; The Fog. Ondertussen was ik in ’93 naar Bredevoort verhuisd . In Bredevoort was ik betrokken bij veel evenementen die in die tijd plaats vonden, en begon ik voor het eerst serieus met het componeren van eigen nummers. Ook trad ik regelmatig op met boekenmarkten en in café de Zwaan begon ik in 2000 met het organiseren van sessies. Dit deed ik tot 2002, omdat ik door mijn verhuizing naar Winterswijk niet meer zoveel affiniteit met Bredevoort had.

 


Begin 2000 begon ik met Pieter Hoitinga een duo. Onder de naam
Xappa traden we regelmatig op met eigen werk, en eind 2002 kwam er een eind aan Xappa en deed ik zo nu en dan nog een optreden in Nederland in Duitsland. Mijn grote liefde is het componeren geworden. 

 
 
 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu